John Mens blaast weer in de bus ; Ga uit van
eigen kracht… ….
De afspraak met John maak ik vlak voor de jaarwisseling bij
winterse omstandigheden, terwijl mijn hoofd niet erg naar
fietsen staat. Een week later valt er ook nog een ongekend pak sneeuw dat tot
een enorme verkeerschaos leidt en het dagelijkse leven in West-Nederland
volledig ontregeld. Op de afgesproken dag zit ik tijdens het ontbijt feitelijk te wachten op
een telefoontje waarin hij me meldt dat het er niet inzit, het is
tenslotte - 4ºC en er ligt zo’n
‘Ben je altijd zo’n bikkel en doorzetter geweest ‘? vraag ik hem. ‘Tsja, ik ben een jongen van het platteland. In ’62 in Lisse geboren en opgegroeid als jongste kind in een warm kruideniersgezin. Lisse had toen een groot en gevarieerd verenigingsleven maar was sterk verzuild. Het was voetbal dat de klok sloeg en buiten sporten was wel hetgeen me trok. Tussen het begin van mijn studie (geneeskunde in Leiden en huisartsengeneeskunde aan de VU in Amsterdam) en de eerste schreden op het wielerpad, beoefende ik nog wel wat andere sporten zoals basketbal, tennis, hardlopen en…..ik heb behoorlijk geschaatst. En plichtsbesef is me ook niet vreemd. Via mijn broer die fietste bij de Pedaleur en René Ransdorp startte ik op 36 jarige leeftijd mijn fietsloopbaan met een wedstrijd bij DTS Zaandam. Ik beschrijf nu 1999. Het was reuze motiverend om te merken dat ik er goed bij kon blijven terwijl het halve peloton moest lossen. Ik sloot me aan bij een trainingsgroepje en zo belandden we ‘op Sloten’ bij de trimmers. Ik was al wel getrouwd en mijn 2 kinderen waren toen 2 en 4 jaar oud. Geweldige uitlaatklep dat fietsen. Bij WV-Amsterdam trok vooral de puurheid me. Fraaie kleding, prima organisatie, een ‘oer-clubgebouw’, Hans en Ed natuurlijk en de informele en Amsterdamse sfeer. Ergo ; gauw een licentie aanvragen en lid worden van die club. Omdat ik karakterologisch meer een teamsporter ben gaat de rol van waterdrager me goed af. Als we met 5 WV-Amsterdam renners in een kopgroep zitten maakt het me eigenlijk weinig uit wie van de clubmaats wint, ben ik het zelf niet maar een clubgenoot, dan heb ik evengoed een geweldige middag. Naarmate ik betere uitslagen reed, werd het fanatisme wel groter. Trainen doe ik graag in een groepje met Erik Jan Bos, René Ransdorp, Kees Cohen (mooi interview met hem, markante renner), Bart Dolfin en Ronald Broom. Heerlijk de natuur in, gezamenlijk optrekken. Je ziet dan toch heel veel, van vossen in de duinen tot herten in de Flevopolders en …. mijn voordeel is dat ik van lange duurritten houd. Mijn in het oog springende prestaties gaan altijd wel gepaard met mitsen en maren ; eerst weg zien te komen uit het peloton, dan doorhalen met een kopgroep en uiteindelijk proberen alleen aan te komen. Ik kan wel de motor van de kopgroep zijn maar uiteindelijk hangt er toch veel van inzicht, sprintvermogen en geluk af. Ik heb het meest geleerd door goed te kijken maar vooral door schade en schande. Als je vaak de slag mist, kijk je de volgende keer wel beter uit. Ik bewonder de concurrentie wel hoor maar dat gaat toch ook gepaard met irritatie. Mannen als Kees Cohen of Johan van der Veen kunnen zo ongelofelijk hard rijden in een finale dat ze bijna niet te houden zijn. Soms lukt het me om ze op waarde te kloppen of ze in de luren te leggen.
Nu mijn kinderen op de middelbare school zitten heb ik wat meer tijd vrij en heb dus ook weer plannen om criteriums te rijden dit jaar en ……harder dan vorig jaar hoor want dat moet kunnen’.
‘Hoe valt zo’n doelstelling te combineren met je nieuwe taak als voorzitter’ vraag ik hem. ‘Het was niet mijn eigen ambitie om voorzitter van zo’n roemruchte club te worden. Ik voelde me wel schatplichtig want de vereniging heeft me veel fietsplezier gebracht en als anderen je dan weten te overtuigen dat je waarschijnlijk de juiste man bent om de continuïteit te waarborgen…..tsja, dan praat je er nog eens over en nog eens……en dan weer met Albert Kraaij van GAUL.nl, André de Meulenaere, thuis en met veel anderen. En uiteindelijk ga je om. Je hebt nog eens een nachtmerrie of angstdroom dat de club leegstroomt op het moment dat je de voorzittershamer overneemt van Hans van de Sloot. Waarom men in mij een voorzitter zag ? De juiste mensen bij elkaar brengen en houden vond ik een belangrijke voorwaarde om eraan te beginnen. Een vereniging run je met een bevlogen bestuur. Met mensen die kennis van zaken hebben en die hun oor te luister leggen. Ik denk wel dat ik integer ben en serieus, waai niet met alle winden mee. Heb respect voor traditie en wil uitgaan van eigen kracht. We hebben bij WV-Amsterdam een prachtig parcours, worden goed gesponsord, hebben schitterende clubwedstrijden en werken nu goed samen met GAUL.
WV-Amsterdam is gewoon een icoon van de wielersport. Rijden ‘op Sloten’ zou natuurlijk moeten veranderen in rijden bij WV-Amsterdam. Ja, we hebben ambitie genoeg maar het moet wel kalm aan, met breed draagvlak onder de leden en niet op teveel paarden wedden. Onze inzet is gericht op behoud maar ook wel op het aanpassen aan de tijd(-geest). Absoluut het specifieke karakter behouden maar wel zoeken naar samenwerking binnen de regio Amsterdam. Door samenwerking kun je je eigen sterke kanten nog beter ontwikkelen. Nee, nee….géén elite team. We faciliteren als vereniging voor alle categorieën wieler-breedtesport het hele jaar rond én we brengen mensen bij elkaar. De toegankelijkheid is groot bij WV-Amsterdam en alles is prima geregeld van inschrijving tot eerste hulp. Er staan vaak ‘grote namen’ aan de start en laten we hetgeen bereikt is, koesteren. Uitgaan dus van eigen mogelijkheden, middelen en eigen kracht !
Of ik op een dilemma gerekend heb of er juist een niet hoop te krijgen ? Nee hoor, brand maar los !
Italië of Frankrijk ? Italië vanwege het ongeregelde, het gevoel voor stijl en schoonheid én vooral het temperament. Kijk eens naar de Giro met de extreem laag hangende helikopters, sensatie !
Freek de Jonge of André van Duin ? Ik houd niet zo van gemoraliseer. Van Duin dus. Duidelijk in wat er komt, wat hij met je wil en in wat hij doet.
Eten of di-eten ? Ik kan enorm schransen en sta bekend als de ‘propper’. Gestampte pot ook.
Je hart of je longen ? Klein hartje, grote longen en dan het liefst de longen uit m’n lijf rijden.
Materiaal freak ? Och, ik kan aardig sleutelen maar Ger is voor mij het Braamstruikse binnenpad van het Amsterdamse wielrennen. Vakkundig en ouderwets gezellig.
Goed nieuws of slecht nieuws ?
Goed nieuws !’..... en dan met een spottend lachje ;’maar geef me niet de kans slecht nieuws om te zetten in goed nieuws.
Graag willen ontmoeten ? Gerard Reve ! Wat een fantastisch, archaïsch en grammaticaal onberispelijk taalgebruik’.
Stad of platteland ? Platteland. Of ik een ouderwetse dorps- of plattelandsdokter zou willen zijn ? Vooruit dan op 2 voorwaarden ; 1.; dat ik er zelf niet hoef te wonen en 2.; dat de patiënten ook een ouderwetse plattelandsmentaliteit hebben…….ha, ha, ha.
Ventoux of Alp d’Huez ? De Ventoux moet ik nog eens doen maar ‘de Alp’ is erg mooi.
Vader Tijd of Moeder Natuur ? Moeder natuur is prachtig maar je moet wel rationeel blijven. Je hoeft er van mij niet mee te gaan dwepen, de natuur kan ook heel wreed zijn.
Vallen of opstaan-opstappen ? Nee, nee ik laat me niet ontmoedigen ; opstaan en doorgaan !
Deugd op ondeugd ? Ik ben deugdzaam mens, erg deugdzaam misschien wel. Ondeugd kan heel leuk zijn in een film of zoiets maar ik zie in mijn werk teveel de gevolgen van ondeugd om er veel bewondering voor te hebben. Het kan erg veel schade aanrichten.
Bedgeheimen of keukengeheimen ? Als gekend schranser heb ik geen keukengeheimen.
Mededogen of meedogenloos ? Absoluut mededogen. Kijk eens naar het (wereld-)nieuws, dan wil je zo graag iets doen aan alle onrecht.
Ideologisch of pragmatisch ? Zeker weten pragmatisch. Ideologie heeft al zoveel narigheid in de wereld gebracht. Al die principes….die zijn er voor domme mensen, mensen die zelf geen keuzen kunnen maken en dat dan aan anderen over laten. Ja, da’s een boude uitspraak
Passie of obsessie ? Passie met obsessieve trekjes. Ben in alles eigenlijk gepassioneerd en perfectionistisch. Ik kan ook wel goed relativeren hoor.
Trainingsdag of rustdag ? Ik ben een trainingsbeest maar ik moet je zeggen ; er zit weinig plan achter en of ik een Polar heb ? Nee, dat voel en merk ik wel zonder.
Polder of duinen ? In de polder regent het altijd en in de duinen schijnt de zon !
Goesting of verdapperen ? Goesting genoeg in alles wat ik aanpak.
Schop onder je kont of een aai over je bol ? Met een aai over m’n bol gaat het het beste maar mocht ik iemand eens een schop onder….dan kan ik heel goed achteraf sorry zeggen.
Nerveus of stoïcijns ?’ Kijkt naar het plafond maar als daar niets blijkt te staan ; ‘ Nerveus als drive. Ik roep het wel op, creëer eigenlijk nervositeit om scherp te zijn.
Eigenzinnig of eigenwijs ? Een tegendraads geluid laten horen, eigenzinnig en kritisch zijn. En ach, in de waarheid van vandaag wordt morgen de gerookte bokking verpakt……
Beste prestatie of mooiste ervaring ? Mijn beste prestatie was 4 jaar geleden tijdens het districtskampioenschap op Spaarnwoude. Ik reed toen vroeg in de koers met Erik Jan Bos weg en won uiteindelijk ook nog. Het moment dat je je realiseert dat het gaat lukken……
En vader worden is veruit de mooiste ervaring uit mijn leven. Vader zijn trouwens ook !
Werker of stylist ? Ik kijk graag naar een stylist als Peter Schep. Zelf ben ik vooral een zichtbare werker en zwoeger.
Rivaliteit of vriendschap ? Rivaliteit is me vreemd. Ook als voorzitter naar andere clubs toe niet. Zo zit ik niet in elkaar.
Boom of Gesink ?
Gesink. Bij Boom oogt het allemaal zo gemakkelijk en wereldkampioen
worden doe je pas aan het eind van een moeizame en heroïsche loopbaan à
Vind ik trouwens wel mijn voorbeeld. Heeft alles uit zijn loopbaan gehaald wat mogelijk was.
Bewondering voor ? Mensen die hun eigen keuzen maken, hun leven in eigen hand nemen, zichzelf overstijgen en toch solidair zijn.
Spijt van ? Dat ik niet eerder ben gaan wielrennen. Hoewel ik een tamelijk ongeleid projectiel kan zijn, sta ik voor iedere koers altijd in tweestrijd of ik me gedeisd houd of volle bak ga’.
Na een kopje soep, een broodje en een gesmeerde ketting vertrekt John weer richting Almere. ‘Moet je geen zonnebril opdoen met die oogverblindende sneeuw ? Nee hoor’, zegt hij lachend…’winterzonlicht is goed tegen winterdepressies’. Nog een foto maken en dan weer op weg. On the road again, ik zwaai ‘m uit. Bedankt voor je ongekende openheid en tot aan de start bij WV-Amsterdam ‘op Sloten’.
Met vriendelijke sportgroeten, Han Wind.
p.s.; mijn volgende slachtoffer wordt Paul Metzemakers.