Is de clubkampioen ook een ‘ware’ Flandrien ???
Van wereldkampioen Alessandro Ballan werd het al jaren gezegd ; dat is een ‘ware’. Hij was door het Vlaamse publiek en door de wielerkenner al lang gebombardeerd tot Flandrien met Italiaanse wortels. Een noeste stoemper met groeven in het gezicht. Maar toen een journalist het aan Ballan zelf vroeg zij hij ; ‘een Flandrien, wat is dat ? Aha, eentje met een testa dura, een harde kop. De afgelopen jaren kon ik goed mee op de Vlaamse keien maar nu ik ‘de Ronde’ op mijn naam heb, worden dit soort vragen me gesteld. Ik was er zelf niet zo mee bezig. Michael Boogerd die naast de Waalse en Limburgse heuvels ook de Vlaamse klassiekers goed verteerde, heeft andere bewoordingen nodig ; ‘een Flandrien is een noeste arbeider in weer en wind maar óók een renner die goed rijdt, een krachtige pedaaltred heeft, in de aanval gaat, nooit opgeeft en maar door blijft stoempen door stof of modder. Een type Flecha’ aldus Michael.
Een Flandrien wordt steevast geassocieerd met ‘de Ronde van
Vlaanderen’. Ook wel ‘Vlaanderens mooiste’ genoemd. Curieus is dat de winnaar zelden een ‘moeders
mooiste’ opleverde. De leeftijdsuitersten leveren het bewijs ; ‘de Ronde’ met destijds
een lengte van
De Italianen maakten een inhaalslag ; Magni, Bartoli, Bugno, Argentin, Tafi maar ook de Nederlanders Raas, Lammerts en Kuiper wonnen. Bij gebrek aan Vlaamse winnaars is de mythe zichzelf aan het versterken. De toeschouwersaantallen blijven stijgen en Ballan noemt het ‘magie, pure magie, dat fietsen langs duizenden niet-, half- en geheel dronken maar vooral feestende Vlamingen’. Veel Italianen die van de Vlaamse keien hielden werden Flandriens (genoemd). Of het nu begin april regende, de stofwolken opwaaiden ; de Italianen stonden massaal aan de start. Martin Ros schrijft ; ‘In de oertijd van de Vlaamse klassiekers regende het altijd en jakkerden de renners onder turbulente wolkenfresco’s en door altijd malse winderige landschappen maar voort.’ Dat de namen van een aantal gekende muren ons ‘Ollanders’ nog steeds veel vrees inboezemen laten we maar in het midden. De Berendries, Eikenmolen, Kapelmuur, Taaienberg, Paterberg, Koppenberg, Kluisberg, de Wolvenberg en ter afsluiting de Knokteberg houden ook bij ons de mythe in stand. Vooraf speculeren we erop los en achteraf zit iedereen zoals Ed Snijders het altijd placht te zeggen weer rondom 18.00 uur aan tafel, een enorme ervaring rijker en soms een illusie of wensdroom armer. Dat de ronde de laatste 20 jaar meestal in rustig lenteweer werd verreden in een waterig zonnetje met temperaturen van rondom de 20 gr. is dan ook geenszins onderdeel van de mythische verhalen vol van wielerheroïek.
Chevrolet besluit dan ook ; ‘we moeten al met al concluderen dat de Flandriens het product zijn van journalistieke verzinsels, misplaatst nationalisme en vooral valse romantiek. Toch zijn de Vlaamse klassiekers zwaar, loodzwaar. De renners maken weliswaar de koers maar de ambiance en het mediaspektakel doen de rest’.
Toch zijn de omstandigheden waaronder onze clubkampioenschappen bij WV-Amsterdam worden verreden (en dat geldt ook voor het Kampioenschap van Amsterdam) vergelijkbaar met die in de Vlaamse ronden. Altijd vroeg in het seizoen verreden, de winter doorgebracht in de schuur op de Tacx, de verwarmde latten van het Velodrome gegeseld, in het veld geploeterd en geploegd of gewoon als een ware bikkel doorgefietst door regen, hagel, sneeuw en dus door weer en wind en…..nerveus en met tamelijk hoog gespannen verwachtingen aan de start. Is dan de clubkampioen van WV- Amsterdam dan niet toch …een ware Flandrien ?
We zullen zien wie de opvolger wordt van zowel Stijn Devolder als ook van onze eigen clubkampioenen B. Dolfin en G. Smit. Komt allen naar de clubkampioenschappen, haal anderen over dat ook te doen, laat je niet afschrikken door de erelijst en kroon jezelf na afloop tot Fandrien van Amsterdam. Kun je mee thuis komen….en in de kantine staat na afloop de koffie of de chocolademelk klaar.
Vriendelijke en sportieve groeten, Han Wind.